KWPN Database
Afstammelingenrapportage
Afstammelingen 2003 (september; veulens)
Sydney toonde een uniforme collectie goed ontwikkelde, langgelijnde, rijtypische, hoogbenige veulens die goed in het rechthoeksmodel staan. De veulens hebben ras en uitstraling.
Het hoofd is sprekend en mooi gevormd. De nek is lang. De hals is lang, goed gevormd en staat er goed op. De schoft is goed ontwikkeld en loopt lang door. De schouder is voldoende tot ruim voldoende van lengte en is steil gelegen. De rug is goed van vorm en bespiering. De lendenen zijn goed van vorm en goed aangesloten. De croupe is voldoende lang, goed gevormd en goed gespierd. De broekspier loopt voldoende ver door. Het voorbeen is lang, doorgaans steil en ingesnoerd. Meerdere malen zijn franse en toontredende voorstanden waargenomen. Het achterbeen is lang en sabelbenig. Het fundament is doorgaans teer en zou meer kwaliteit moeten hebben.
De stap is zuiver, maar zou meer souplesse moeten hebben. De draf is goed van ruimte, afdruk en houding. Het voorbeengebruik is goed, het achterbeen wordt goed gebogen en goed ondergebracht en de veulens kunnen goed schakelen. De galop is voldoende van ruimte, maar zou meer souplesse moeten hebben.
Er werden 18 geprikte en 6 door de eigenaar geselecteerde veulens getoond. Van de twee thuis geïnspecteerde veulens past er één wat betreft type in het beeld van de rapportage, in galop toont dit veulen meer souplesse dan de collectie. Het andere veulen past in het beeld van de rapportage, maar is wegens een blessure niet beoordeeld in beweging. De door de eigenaar geselecteerde veulens passen in het beeld van de rapportage.
De kwaliteit van de moeders was matig.
Getoond: 24 (+2) veulens uit 98 in 2002 gedekte merries.
Afstammelingen 2007 (januari; 3-jarigen)
Naar aanleiding van de beoordeling/rapportage van zijn 3-jarige nakomelingen blijft Sydneye voor de KWPN-fokkerij gehandhaafd.
De index van Sydney is gebaseerd op 11 bovenbalkcijfers. Zijn exterieur- en bewegingsindex zijn met resp 108 en 104 boven het gemiddelde. Aangetekend wordt dat de halsrichting sterk verticaal is en het achterbeen sabelbenig. De springindex van Sydney is met 100 gemiddeld waarbij het springen met een holle rug en matige voorzichtigheid kernpunten zijn.
Sydney toonde een uniforme collectie goed ontwikkelde, langgelijnde, rijtypische, hoogbenige veulens die goed in het rechthoeksmodel staan. De veulens hebben ras en uitstraling.
Het hoofd is sprekend en mooi gevormd. De nek is lang. De hals is lang, goed gevormd en staat er goed op. De schoft is goed ontwikkeld en loopt lang door. De schouder is voldoende tot ruim voldoende van lengte en is steil gelegen. De rug is goed van vorm en bespiering. De lendenen zijn goed van vorm en goed aangesloten. De croupe is voldoende lang, goed gevormd en goed gespierd. De broekspier loopt voldoende ver door. Het voorbeen is lang, doorgaans steil en ingesnoerd. Meerdere malen zijn franse en toontredende voorstanden waargenomen. Het achterbeen is lang en sabelbenig. Het fundament is doorgaans teer en zou meer kwaliteit moeten hebben.
De stap is zuiver, maar zou meer souplesse moeten hebben. De draf is goed van ruimte, afdruk en houding. Het voorbeengebruik is goed, het achterbeen wordt goed gebogen en goed ondergebracht en de veulens kunnen goed schakelen. De galop is voldoende van ruimte, maar zou meer souplesse moeten hebben.
Er werden 18 geprikte en 6 door de eigenaar geselecteerde veulens getoond. Van de twee thuis geïnspecteerde veulens past er één wat betreft type in het beeld van de rapportage, in galop toont dit veulen meer souplesse dan de collectie. Het andere veulen past in het beeld van de rapportage, maar is wegens een blessure niet beoordeeld in beweging. De door de eigenaar geselecteerde veulens passen in het beeld van de rapportage.
De kwaliteit van de moeders was matig.
Getoond: 24 (+2) veulens uit 98 in 2002 gedekte merries.
Afstammelingen 2007 (januari; 3-jarigen)
Naar aanleiding van de beoordeling/rapportage van zijn 3-jarige nakomelingen blijft Sydneye voor de KWPN-fokkerij gehandhaafd.
De index van Sydney is gebaseerd op 11 bovenbalkcijfers. Zijn exterieur- en bewegingsindex zijn met resp 108 en 104 boven het gemiddelde. Aangetekend wordt dat de halsrichting sterk verticaal is en het achterbeen sabelbenig. De springindex van Sydney is met 100 gemiddeld waarbij het springen met een holle rug en matige voorzichtigheid kernpunten zijn.