KWPN Database

GENTLEMAN, 1988

KWPN erkend
HENGST BOREAS x LUCKY BOY

Verrichtingsrapportage

Rapportage nakomelingen

Afstammelingen 1993 (veulens)
De collectie toonde veulens die qua ontwikkeling wat wisselend zijn, variërend van voldoende tot goed. Hoewel iets ondiep zijn ze rijtypisch gebouwd en beschikken ze over ras.
Het hoofd is iets lang, maar wel goed gevormd en dikwijls sprekend. De halzen tonen variatie: enkele keren aan de korte kant, soms is er sprake van een onderhals, meermalen is de hals ook goed van vorm. De arme halsbespiering is vrij algemeen. In beweging wordt de hals wel goed gebruikt. De schoft is best ontwikkeld en heeft een goede lengte. De schouder heeft steeds de gewenste lengte, maar zou in een enkel geval iets schuiner gelegen kunnen zijn. De rug is goed gespierd, de lendenen sluiten goed aan. De croupe varieert: soms goed hellend en lang, soms wat kort, soms wat plat. Het voorbeen is goed gesteld, veelal ingesnoerd. Het achterbeen is enigszins lang en vrij sterk gehoekt. Het beenwerk heeft een goede kwaliteit.
De stap is voldoende tot goed. De draf heeft veel afdruk, wordt gekenmerkt door een sterk achterbeengebruik bij veel souplesse. Bij de uitgezochte veulens was er sprake van meer rompdiepte, terwijl de stap meer ruimte liet zien.
De kwaliteit van de bediende merries bleek sterk wisselend te zijn, maar kan in doorsnee als gemiddeld worden bestempeld.
De veterinaire bevindingen hebben betrekking op enkele incorrecte voorstanden.
Kort samengevat: voldoende tot goed ontwikkelde veulens met ras; die nog iets ondiep aandoen en in draf opvallen door krachtig achterbeengebruik en veel souplesse.
Getoond: 30 veulens uit 200 dekkingen.
Afstammelingen 1997 (januari; 3-jarigen)
Naar aanleiding van de beoordeling/rapportage van zijn 3-jarige nakomelingen blijft Gentleman voor de KWPN-fokkerij gehandhaafd.
Afstammelingen 2001 (januari; 7-jarigen)
Naar aanleiding van de beoordeling/rapportage van zijn 7-jarige nakomelingen blijft Gentleman voor de KWPN-fokkerij gehandhaafd.
Keurverklaring 2004 (januari)
Om voor het keurpredikaat in aanmerking te komen moeten de nakomelingen van de hengst tenminste zeven jaar oud zijn en moet zijn eigen sportindex hoger dan 140 punten zijn met een betrouwbaarheid van minstens 75%. Verder wordt zijn exterieurvererving meegenomen bij de afweging. Dit laatste kan betekenen dat een hengst, die qua sportvererving aan de eisen voldoet, maar voor wat betreft exterieurvererving minder kan overtuigen, niet in aanmerking komt voor het keurpredikaat.
Gentleman wordt volgend jaar beoordeeld op zijn 11-jarige nakomelingen. Daaronder Lutopia, Loretta, Kid Gentleman, Lesandra en Medrano die internationaal presterend en zeer succesvol zijn. Gentleman deed het zelf onder het zadel van Rob Ehrens en Yves Houtackers op het allerhoogste niveau heel goed. De tweede plaats in de Grote Prijs van Zuidlaren en de overwinning in de VHO Trofee zijn enkele van zijn eigen successen. Gentleman is bijzonder interessant gefokt. Zijn moeder Amieka is een volle zus van de vorig jaar gestorven wereldbekerwinnaar Calypso. Gevoegd bij zijn springindex van 144 (btr 82%) heeft de commissie zijn aandeel in de springpaardenfokkerij beloond met het keurpredikaat.
Afstammelingen 2005 (januari; 11-jarigen)
Naar aanleiding van de beoordeling/rapportage van zijn 11-jarige nakomelingen wordt Gentleman definitief goedgekeurd.

Rapportage verrichtingsonderzoek

HK KWPN Zwolle 1991 (27-02)
Bij herkeuring aangewezen.
Exterieuromschrijving 1991
Goed gespierde, voldoende ontwikkelde, voldoende rijtypische hengst, die iets royaler belijnd zou kunnen zijn, met een correct fundament.
Verrichting Ermelo 1991
Eerlijk, gehoorzaam, blij, vriendelijk en speels brutaal. Bij begin onderzoek net zadelmak. Rolde zich in de eerste weken teveel op. Later is dat verbeterd. Speelt vaak met zijn tong.
Stap vlot met voldoende ruimte. Draf voldoende ruim maar niet erg krachtig, doet in draf vóór tamelijk rommelig aan. Brengt in galop zijn achterhand goed onder de massa, maar galop zou ruimer mogen zijn. Bij springen veel inzet en goede techniek. Presteert in terrein goed. Geeft bij dressuur normaal gevoel, bij springen goed gevoel. Heeft plezier in het werk, ervaart werk als licht. Ruim voldoende bereidheid om te werken. Matig tot voldoende aanleg als dressuurpaard, tamelijk veel aanleg als springpaard.
Bij aankomst goede voedingstoestand, is tijdens onderzoek enigszins opgedroogd.
Goed stalgedrag maar bij het verzorgen soms lastig.
Geen veterinaire bijzonderheden.