De geboorte van een veulen is voor veel fokkers een bijzonder moment. Een veilige geboorte begint met goede voorbereiding. Bij twijfel of afwijkingen tijdens de dracht is het altijd verstandig om direct uw dierenarts te raadplegen. Iedere merrie verloopt anders in haar cyclus, dracht en geboorteproces, waardoor tijdige en deskundige begeleiding essentieel blijft.

Voorspoedige geboorte

Tijdens de dracht kunnen variaties in draagtijd, veranderingen in gedrag of onverwachte lichamelijke signalen optreden. Een merrie die eerder moeite had om drachtig te worden, een langere draagtijd laat zien of bekendstaat om het vasthouden van de nageboorte, vraagt vaak om extra aandacht. Een goede conditie, passende voeding en regelmatige controles vormen de basis voor een voorspoedige geboorte.

Geboortebewaking

Geboortebewaking speelt een belangrijke rol in de voorbereiding. Veel fokkers kiezen voor camera’s in combinatie met een alarmeringssysteem, zoals een geboortemelder of een vulvasensor. Deze hulpmiddelen vergroten de kans dat u tijdig aanwezig bent wanneer de bevalling begint, zodat u direct kunt ingrijpen of hulp kunt inschakelen wanneer dat nodig is.

Soms is actie nodig

Met de juiste voorbereiding, aandacht voor het welzijn van de merrie en betrouwbare bewaking geeft u het veulen de best mogelijke start. Toch kunnen er situaties ontstaan waarin snelle en doordachte actie nodig is - bijvoorbeeld wanneer een merrie of veulen de geboorte niet overleeft. Een zorgvuldige aanpak is dan van groot belang voor het welzijn van zowel merrie als veulen.

Wanneer een veulen zonder moeder wordt geboren

De eerste 24 uur van een veulen zijn cruciaal. In deze periode moet het veulen biest binnenkrijgen: de enige bron van afweerstoffen die het direct na de geboorte kan opnemen.

  • Biestvoorziening: probeer, indien mogelijk, direct na de geboorte biest af te nemen bij de merrie. Een kleine hoeveelheid kan al verschil maken.
  • Alternatieven: ervaren fokkers bewaren soms ingevroren biest; een dierenarts kan beschikken over een biestvervanger.
  • Pleegmoeder: een veulen kan tot ongeveer één week oud worden bijgezet bij een pleegmerrie. Een geslaagde match draagt sterk bij aan een gezonde, natuurlijke ontwikkeling.
  • Specialistische opfok: wanneer plaatsing bij een pleegmoeder niet lukt, zijn er opfokbedrijven die ervaring hebben met het grootbrengen van moederloze veulens.

Lees op de site van Pavo meer over wat u kunt doen.

Wanneer een merrie haar veulen verliest

Het verlies van een veulen heeft doorgaans minder praktische gevolgen dan het verlies van een merrie, maar vraagt wel om goede begeleiding.

  • Een merrie kan één tot twee dagen onrustig zijn en afwijkend gedrag vertonen. Beweging en afleiding in de kudde helpen haar te herstellen.
  • Geef tijdelijk geen krachtvoer om de melkproductie te laten afnemen.
  • Wilt u de merrie inzetten als pleegmoeder, dan is het belangrijk dat zij een voldragen dracht heeft gehad én dat zij wordt gemolken tot het pleegveulen kan worden aangelegd (meestal tot circa twee dagen na de geboorte). Alleen dan is haar lichaam klaar om een veulen te zogen.