Het doel van het KWPN is om paarden te fokken die op het hoogste niveau kunnen presteren in de dressuur- of springsport. Om dit te bereiken moet een paard beschikken over een goede constitutie, een functioneel en bij voorkeur aansprekend exterieur, correcte bewegingen en een meewerkend karakter.

Vier fokrichtingen

Sinds 2006 onderscheidt het KWPN vier fokrichtingen. De grootste groep bestaat uit spring- en dressuurpaarden. Daarnaast zijn er het tuigpaard en het Gelders paard. Hoewel elke fokrichting eigen aanvullende doelstellingen heeft, worden alle paarden eerst getoetst aan het algemene KWPN-fokdoel. Dit doel richt zich op:

  • het fokken van een prestatiepaard dat op het hoogste niveau kan presteren;
  • een constitutie die langdurige bruikbaarheid ondersteunt;
  • een karakter dat de wil en het vermogen tot presteren versterkt en mensvriendelijk is;
  • een functioneel exterieur en een correct bewegingsmechanisme;
  • een exterieur dat bij voorkeur aansprekend is en past bij ras, adel en kwaliteit.
  • Voor iedere fokrichting is een keuringsstandaard opgesteld. Deze beschrijft hoe het ideale dressuur-, spring-, tuig- en Gelderse paard eruitziet.